Een van de vele soorten spelvormen die er zijn is het constructiespel. De blokkentoren als begin van deze spelontwikkeling, kennen we wel. Vaak wordt dit geïntroduceerd bij een kind en kan het zelf nog niet stapelen, maar is de nieuwsgierigheid gewekt. De ontlading die komt wanneer de toren omvalt. En vervolgens wil een kind het opbouwen en omgooien eindeloos herhalen. Later kan het constructiespel worden uitgebreid tot hele eigenzinnige bouwwerken aan toe. Er zijn zelfs bouwsets voor volwassenen.
Tot het plafond
Sommige kinderen willen de hoogste toren tot aan het plafond. Dat kost flink wat moeite want je moet boven je macht werken en wil de toren niet laten omvallen. Andere willen het bouwen verbinden met allerlei andere materialen. Voor sommigen blijft het een toren, voor anderen ontstaat er verbeelding van een huis, kasteel of een hele stad. In de spelkamer mogen kinderen kiezen wat ze willen spelen. Vaak kiezen jongens voor dit spel, maar soms ook meisjes. Kapla, lego, houten blokken, Knexx, stenen, van alles kan gebruikt worden.
Regulerend
Soms laat ik een kind mij een techniekje leren, ´Hoe zou dit nou werken?’ en dan krijg ik een voorbeeld en doe ik dat na. Andersom doe ik ook wel eens wat voor en wordt dit overgenomen. Bouwen is iets wat je eindeloos kunt doen. Blokjes worden gezocht en geordend, het werkt regulerend. Ook heeft het sensopathisch spel in zich, doordat zintuigen worden geprikkeld.
De trots als een bouwwerk lukt. Afgelopen week had ik een meisje, die heel moeilijk samen kan werken met anderen. We gingen een dorp bouwen van magneten. Samen kijkend naar het bouwwerk riep ze ineens: “Dat is ons samen gelukt!” Dat zijn fantastische succeservaringen. Het lijkt iets heel kleins, maar is van grote waarde voor het kind.
Ik kwam nog een leuk artikel tegen uit ‘Ouders van nu’ over wat een kind leert met bouwspeelgoed.
Recente reacties