Lucia (8) is aangemeld vanwege boze buien. Er is binnen het gezin veel gebeurd. Ze heeft huiselijk geweld gezien vanuit vader naar moeder. Moeder is met de kinderen gevlucht en vader is na detentie naar Spanje vertrokken. Lucia was volgens moeder een echt papa’s-kindje, maar Lucia wil nergens over praten. In de spelkamer sluit ik aan op de belevingswereld van Lucia. Door te snappen wat voor haar belangrijk is en hier actief en adequaat op te reageren. Speltherapie als traumabehandeling. Hoe ik dat doe is te zien in deze spelsessie:
Echte pleisters
“Ik weet niet wat ik moet spelen”, zegt Lucia. Ze staat bij mij in de spelkamer en ik geef haar de tijd. “Dokter”, zegt ze. En we pakken het speelgoed erbij. Daarbij geeft ze aan dat ik de dokter moet zijn. De dokter krijgt instructies wat die moet doen. Ze wil bijvoorbeeld een echte pleister. Ik heb echte pleisters – die knip ik in kleinere reepjes zodat er meer speelplezier is. Het is van pleisters die in een E.H.B.O. koffer zijn afgekeurd, omdat de datum voorbij is. Echte pleisters zorgen voor een ‘wauw’ effect bij kinderen in het spel. En ik geniet van zoiets eenvoudigs wat voor kinderen veel betekent.
Overal moet betaald worden
De patiënt komt bij de dokter en ze seint met haar ogen naar mijn kassa. Die ik van haar heb gekregen – want overal moet er betaald worden. Kennelijk moet de patiënt eerst betalen, voordat de dokter überhaupt kijkt naar wat het probleem is. Dus ze krijgt een vette rekening van mij, maar haar portemonnee is zo dik met het speelgeld dat dit geen probleem is. Ze speelt haar ervaringen uit en oefent om straks stappen te zetten in het echte leven. Bij de speelmuntjes benoemt ze nog even terloops dat één van die muntjes hetzelfde is als op school. Ik vraag of dit voor het rekenen is. “Ja”, zegt ze en ik zie dat haar hoofd wegzakt. “Hoe vind je het om te rekenen?”, vraag ik. “Niet leuk, ik ben er niet goed in”. “Nou, dan zit je hier bij de dokter goed, want hier hoeven wij niet te rekenen”. Als reactie zie ik haar lichaamshouding veranderen, haar hoofd gaat weer rechtop, ogen worden groter en ze kijkt opgelucht. “We spelen gewoon alsof en alles wat we hier betalen en teruggeven is goed”, zeg ik.
Een ‘grote’ spin
Hierna wil ze de rollen omdraaien. Ze wil wel graag op dezelfde plek blijven zitten. Dat is prima. Als ik bij de dokter kom, zeg ik dat ik een zere knie heb. Ze vraagt of ik ook nog ergens anders pijn heb. “Mijn vinger doet ook pijn”, verzin ik. Die gaat ze eerst behandelen. “Als ik u niet kan helpen met uw vinger, dan krijgt u een verdoving en dat is niet zo best”. Ze doet haar taak zorgvuldig. Eerst kijken of uw vinger het nog doet”, zegt ze, “nee, ik zie het al, u heeft een beschadiging”. Ze zal een ‘zalmpje smeren’ en smeert zogenaamd uit een flesje wat zalm op mijn vinger. Het valt haar op dat ik warme handen heb en dat die van haar koud zijn. Heel strak krijg ik drie pleisters om mijn vinger. Dan is ze even uit haar spel en in paniek, want er is een hele grote spin in een houten huisje, daar. Ondanks mijn varifocus bril moet ik goed speuren naar de ‘grote’ spin, wat ik uiteraard met verve doe. En ik zet de spin buiten, niet direct om de hoek, maar helemaal verderop. Hierdoor neem ik haar serieus en kan zij weer verder spelen.
Dit ene moment
Er gaat een verband om mijn vinger, die veel te lang is voor 1 vinger en ze doet hem strak. Ze zegt dat de vinger dik gaat worden. Ze rolt het verband net zo lang tot het op is en maakt hem vast door het hoekje van het uiteinde in het verband te stoppen. Dan is mijn knie aan de beurt, maar moet er eerst een kaart ingevuld worden met mijn gegevens. De dokter vult hem in en vraagt soms wat er staat, omdat het in het Engels is. Bij het onderdeel ‘leeftijd’ zeg ik: “50”. Ze vraagt of ik dat echt of net-alsof ben. ‘Echt’ zeg ik. En dan zegt ze: ‘mijn vader is 51’ en dit ene moment is een cruciaal moment tijdens de therapie, want voor het eerst krijgt haar vader letterlijk een plekje in de spelkamer.
Recente reacties