Verbeeltenis

praktijk voor speltherapie

Riek (81) zwaait al bij het raam als ik op de fiets aan kom. Ik mag mevrouw, Riek noemen. “Hejjû oew mooie ploatjes wir bie?”, vraagt ze. “Jazeker, Riek! Fijn dat je er weer bent!”, zeg ik. Ik kan haar dialect niet napraten, maar we verstaan elkaar en dat is het voornaamste.
Ik ga met Riek aan een tafeltje zitten en haal de stapels Verbeeltenis Vertelkaarten uit het doosje. Meneer Andreas komt bij ons zitten, hij woont hier nog niet zo lang. Hij is niet zo spraakzaam, maar geniet er toch van om bij ons te zitten.
Op tafel spreid ik de stapel met beelden uit. “Riek, doen we er ook een vraag bij?” Dat wil Riek wel. Ze trekt een kaart en ik lees hem voor, dat wil ze graag. “Waar geniet je echt van?”, staat er. “Zo samen proaten”, zegt ze. Ze bedoelt o.a. met mij, maar geeft ook aan dat ze nog steeds contact heeft met een vriendin van vroeger en daar ook graag mee praat.
“Is er een afbeelding te vinden die past bij waar we van genieten?”, vraag ik. En terwijl wij praten wijst meneer Andreas een afbeelding met een boom aan. “Houdt u erg van bomen meneer Andreas?” Hij knikt en zegt heel zacht “de natuur is mooi”. En Riek bevestigd dat zij hier ook van houdt. Ze geeft aan dat hier vlakbij een hele grote boom staat, die ziet ze elke keer als ze een rondje loopt. “Zullen we straks samen dat rondje lopen en dat je mij de boom laat zien?” En zo sluiten we de ochtend af. Riek behendig met de rollator. We zwaaien nog even naar meneer Andreas. Hij wilde niet mee lopen, maar heeft zich naar het raam gewend, zijn ogen volgen ons en hij zwaait terug.

Wil je ook met de Verbeeltenis Vertelkaarten werken? Je kan de kaarten hier bestellen.

Mason en Gwen
Share This